Nucleaire wedergeboorte in Europa niet voor 2030
Analyse in Oeso-landen, China, India en Rusland wijst eerder op daling dan stijging aantal kerncentrales
23 oktober 2009 | Het Financieele Dagblad
Amsterdam | Door: Heiko Jessayan
Een wedergeboorte van kernenergie in Europa is op zijn vroegst pas na 2030 te verwachten. Voor die tijd zal het aantal kerncentrales in Europa zelfs drastisch afnemen. Dat is de conclusie van een studie van het Zwitserse Instituut Prognos in opdracht van het Duitse Bundesamt für Strahlenschutz.
Het instituut uit Basel onderzocht de levensduur van reeds bestaande reactoren en inventariseerde ook de nieuwbouwplannen in de dertig industrielanden die zijn aangesloten bij de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling (Oeso) en in niet-Oeso-landen als China, India en Rusland. 'Wij verwachten tot 2030 geen renaissance van kernenergie', concludeert Prognos.
Oude
Kerncentrales
Het aandeel atoomstroom in de mondiale energievoorziening zal zelfs afnemen, van 14,8% in 2006 tot 7,1% in 2030. In maart 2009 waren wereldwijd 436 kerncentrales in gebruik, acht centrales minder dan in 2002. Tot 2030 komen er in de wereld 173 nieuwe kerncentrales bij, tegelijk moeten wereldwijd 300 nucleaire centrales worden stilgelegd omdat ze te verouderd zijn. Dat betekent dat in 2030 nog 309 kerncentrales actief zijn; dat is 29% minder dan in maart 2009.
In een reactie laat hoogleraar Tim van der Hagen, directeur van het Reactorinstituut van de TU Delft, weten verbaasd te zijn over de analyse van Prognos dat zo veel centrales moeten sluiten. Prognos gaat uit van een levensduur van 40 jaar of meer. 'Bedenk dan dat in de VS meer dan de helft van de centrales reeds een verlenging van de vergunning tot zestig jaar heeft gekregen', zegt Van der Hagen.
De conclusies van Prognos zijn opmerkelijk, nu in verschillende Europese landen de roep om meer kernenergie steeds luider wordt.
Plannen
In Nederland adviseerde de Energieraad het kabinet kernenergie op te nemen in de mix voor de toekomstige energievoorziening. Ook het Internationaal Energieagentschap (IEA) in Parijs dringt aan op een nucleaire renaissance om klimaatdoelen te kunnen halen. Jaarlijks moeten er achttien kerncentrales worden gebouwd om in 2030 voor 18% (nu 15%) in de mondiale energiebehoefte te kunnen voorzien, zo zei IEA-directeur Nobuo Tanaka onlangs in Bangkok. Maar Prognos tempert de nucleaire ambities die het IEA stelt in zijn World Energy Outlook van 2008.
De door de IEA gewenste wedergeboorte blijkt niet alleen logistiek, maar ook financieel onhaalbaar. 'Kerncentrales zijn een kapitaalintensieve manier van stroomopwekking', stelt Prognos. Financiële instellingen zijn door de kredietcrisis - een nieuwe centrale kost algauw 5 mrd euro en rendeert pas na enkele decennia - minder geneigd langetermijnprojecten met bijbehorene risico's aan te gaan. Zo zou volgens Duitse media RWE-topman Jürgen Grossman overwegen zich terug te trekken uit de bouw van een kerncentrale in Belene, Bulgarije, wegens oplopende kosten.
In Finland is de bouw van Olkiluoto-3, de grootste kerncentrale ter wereld die dit jaar open zou gaan en de eerste nieuwe centrale in Europa sinds de ramp in Tsjernobyl (1986), vertraagd. De kosten van de kerncentrale, aanvankelijk begroot op euro 3 mrd, zijn met 'enkele miljarden' euro's overschreden.
Bouw kerncentrales
In de wereld zijn nu 48 kerncentrales in aanbouw. Om al die nieuwe centrales van nucleaire brandstof te voorzien, ontstaat na 2014 schaarste aan uranium. Dat leidt al in 2011 tot een verdubbeling van de uraniumprijs, voorspellen analisten van Royal Bank of Scotland.
Er zijn andere bottlenecks. In zijn studie geeft Prognos meer redenen waarom kernenergie waarschijnlijk geen hoge vlucht zal nemen. Zo kampen kerncentrales en toeleveranciers van componenten voor nucleaire installaties met een enorm gebrek aan technisch personeel. 'Dus verloopt nieuwbouw trager dan aangekondigd', concludeert Prognos, dat ook alle nieuwbouwplannen inventariseerde.
Kernafval
Wat in discussies over kernenergie volgens Prognos ook wordt vergeten, is dat er in de wereld nog altijd geen oplossing is voor de opslag van hoogradioactief afval, met alle veiligheidsrisico's van dien. In Duitsland zijn er problemen ontstaan over de vraag of opslag van radioactief afval in Gorleben juridisch nog langer mogelijk is.
In Frankrijk is een fel debat ontstaan over de opslag van nucleaire restmaterialen in Rusland. Daar wordt 10% van het materiaal weer opgewerkt, maar 90% blijft onder de blote hemel in het Siberische Seversk liggen, overgeleverd aan de weergoden of mensen met minder goede bedoelingen.
Nog meer ophef veroorzaakte de ontmanteling van de fabriek in Cadarache, waar mengoxide (mox) werd gemaakt. 'Officieel' moest er acht kilo aanwezig zijn, maar bij de ontmanteling werd drie keer zoveel plutonium aangetroffen. De Franse regering vraagt zich nu af of de nucleaire boekhouding nog wel op orde is.
De vraag is ook wie precies moet opdraaien voor risico's en ongewenste neveneffecten van kernenergie. Vaak worden die afgewenteld op de samenleving. Kredietbeoordelaars als Standard & Poor's en Moody's stellen dan ook dat zolang onzekerheden rond kernenergie blijven bestaan, investeerders niet staan te trappelen.
Copyright (c) 2009 Het Financieele Dagblad